Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.
Menu
Login redactie
Ga naar overzicht geneesmiddelen

Fentanyl

ATC: N02AB03

Durogesic Fentanyl EG Fentanyl Sandoz Matrifen

Klik op de merknaam voor informatie over dit geneesmiddel via het BCFI.

Indicaties

Palliatieve zorg:

Posologie

  • om de startdosis te bepalen, moet de equivalentiedosis worden berekend: in de praktijk komt het vrijstellen van 25 µg fentanyl per uur overeen met een orale dosis morfine van 60 à 90 mg per 24 uur:
Morfine (oraal)/24 u Fentanylpleister
30 mg (30-60)

12 μg/uur

60 mg (61-90) 25 μg/uur
120 mg (91-150) 50 μg/uur
180 mg (150-210) 75 μg/uur
240 mg (211-270) 100 μg/uur
  • werking: na 12 à 18 uur; dien de gebruikelijke morfinedosis verder toe gedurende minstens 12 uren na het aanbrengen van de eerste pleister
  • werkingsduur: 72 uur; deze duur kan korter zijn (tot 48 uur bij 5% van de patiënten)
  • de dosis moet aangepast worden (in principe om de 72 uur) in functie van de eventueel toegediende dosissen morfine (normale vrijstelling) bij doorbraakpijn, in functie van het pijnniveau en van de ongewenste effecten
  • er is in principe geen maximale dosis, zolang de ongewenste effecten onder controle zijn; meerdere pleisters kunnen met elkaar gecombineerd worden
  • na het verwijderen van een pleister vermindert de serumconcentratie tot de helft na gemiddeld 17 uur (13 à 22 uur)

Bij nierinsufficiëntie

  • (relatief in palliatieve context) de patiënt opvolgen voor symptomen van fentanyltoxiciteit

Voorzorgen

(relatief in de palliatieve context)

  • voorzichtigheid in geval van hypothyroïdie, brady-arythmie, intracraniële overdruk, respiratoire insufficiëntie, bijnier-, lever-, nierinsufficiëntie, astma, prostaathypertrofie
  • voor de preventie van obstipatie: van bij de start van de behandeling hygiënische en dieetmaatregelen in acht nemen en een laxativum voorschrijven (sorbitol)
  • bij hittegolf: kan de effecten van een hitteslag versterken
  • eigen aan het gebruik van een transdermaal systeem:
    • waakzaamheid is geboden bij koorts; vermijd warme baden; stel de pleister niet bloot aan warmtebronnen zoals verwarmde kussens, electrische dekens…(risico van verhoging van de serumconcentratie van fentanyl als de huidtemperatuur toeneemt)
    • plak de pleister op een onbeschadigd, onbehaard en droog deel van de huid (borstwand, hoog op de rug, bovenarm,…)
    • de pleister onmiddellijk na het verwijderen uit de verpakking op de huid aanbrengen en gedurende 30 seconden aandrukken
    • verander van locatie telkens een nieuwe pleister wordt aangebracht; verzeker u ervan dat de oude pleister wel degelijk verwijderd is
    • verwijder zorgvuldig de gebruikte pleisters (deze bevatten doogaans nog een grote hoeveelheid fentanyl)
    • vermijd om een losgekomen pleister opnieuw aan te brengen
    • er bestaan verschillen tussen de patiënten onderling wat betreft de absorptie: deze hangt af van de dikte van de huid, lichaamstemperatuur en de mate van het zweten, dus nauwkeurige controle bij het veranderen van specialiteit

Ongewenste effecten

  • de meest voorkomende zijn: nausea, braken, obstipatie, hypotensie, bradyardie, verwardheid, overmatig zweten en urinaire retentie; er treedt progressief tolerantie op t.o.v. deze ongewenste effecten (behalve t.o.v. obstipatie)
  • sedatie en ademhalingsdepressie (indien ze aanhouden of heroptreden kan dit een teken zijn van overdosering)
  • huidreacties zoals rash, eryhteem en jeuk

Interacties

+ alcohol en centraal sederende geneesmiddelen: versterking van het sedatief effect

+ morfine agonisten-antagonisten (buprenorfine, pentazocine): verminderen van het analgetische effect door competitie t.h.v. de receptoren, met risico van optreden van ontwenningsverschijnselen

+ inductoren van CYP3A4 (zie $): risico van vermindering van het effect van fentanyl

+ inhibitoren van CYP3A4 (zie $): risico van accumulatie van fentanyl en toename van de ongewenste effecten

+ geneesmiddelen met bradycardiserend effect: (amiodaron, sotalol, diltiazem, verapamil, clonidine, moxonidine): toename van het risico van verlenging van het QT-interval

+ geneesmiddelen met serotoninerge werking: MAO-inhibitoren, amitriptyline, SSRI’s, dextrometorfan, tramadol, triptanen, Sint Janskruid: verhoging risico van serotoninesyndroom

+ geneesmiddelen die constipatie of intestinale obstructie kunnen veroorzaken: toename van het risico op constipatie

Pletten en delen

  • Gezien de afwezigheid van informatie over kwaliteit, werkzaamheid en veiligheid van verknipte transdermale pleisters, wordt afgeraden de pleisters te verknippen. Er zijn gevallen van overdosering gerapporteerd.


Feedback

Feedback

Registreer u en blijf op de hoogte

U wil op de hoogte blijven over onze projecten;

het Formularium (Info), de (e)folia, de trasparantiefiches of onze nieuwe projecten ?

Registreer u hier